Eraflor, 38, Werkt in de thuiszorg

Eraflor, 38, Werkt in de thuiszorg

Eraflor vond haar droomjob: “’t Is gewoon omdat ik het zo graag doe!” 
Eraflor Ma Estorba is een opgewekte Filipijnse van 38 met een diploma van hulpkok. Koken zag ze niet zitten, mensen helpen wel. Ze werkt al 13 jaar in de thuiszorg in het Brusselse: “Nu mijn dochter groot is, voel ik me wat verloren, dus nu werk ik ook in het weekend. Want ik ben zo blij met dit werk!”

Meteen na mijn opleiding vond ik werk bij een grote dienst in gezinszorg. Ik was toen 25 jaar. Maar hoe ik uiteindelijk in de thuiszorg terecht kwam, is een lang verhaal!  

Eenmaal in België was het wel even wennen, want in de Filipijnen werkte ik als vroedvrouw. 
Hier moest er heel veel gebeuren om de gelijkschakeling van mijn diploma in orde te krijgen. Eerlijk gezegd zag ik dat paperassengedoe niet zitten. Ik studeerde Nederlands en volgde kookles. Ik ben nu gediplomeerd assistent-kok en ik liep stage in het Universitair Ziekenhuis Jette. Koken vond ik zwaar: ik herinner me dat ik om 9 uur ’s ochtends metershoge bergen kipfilets moest bakken. Dat was niets voor mij. Toen kreeg ik van een lerares op school informatie over de opleiding ‘polyvalent verzorgende in de thuiszorg’.

Hulp voor alle leeftijden

Nu zit ik dus toch weer in de sector van de verzorging. Vroeger in mijn thuisland verzorgde ik baby’s, nu zijn het vooral bejaarden. Maar ik kom niet alleen bij ouderen hoor. Ik bezoek ook moeders die pas bevallen zijn. Zo heb ik een aantal maanden een gehandicapt echtpaar met een baby begeleid. Ik leerde hen ook hoe je het kindje moet baden en kleden. Dat was een onvergetelijke ervaring, die moeder was oh zo blij! Soms kan ik dus mijn eerdere ervaring als vroedvrouw in België gebruiken. Sinds een aantal jaren ga ik ook oppassen bij zieke kindjes, in samenwerking met de mutualiteit. Als zij te weinig personeel hebben, bellen ze me op. Ik help ook dertigers of veertigers. Het gaat dan om jonge mensen die ziek zijn en je na een paar maanden in vertrouwen nemen over hun probleem of ziekte.

Omgaan met verlies

Ik weet niet hoe het komt:  de meeste cliënten die ik heb, willen nadien niemand anders! Zo is er een man van 93, die nu helaas in een revalidatiecentrum opgenomen is doordat hij niet meer zelfstandig kan wonen. Wel, hij laat in dat centrum niemand anders bij hem binnen. Dat is natuurlijk wel een beetje lastig voor mijn collega’s. 
Toch probeer ik om voldoende afstand te nemen. Dat is professioneel gezien nodig, want je moet ook mensen loslaten. Na zes maanden werd ik al geconfronteerd met het eerste sterfgeval. Dat was niet gemakkelijk, want je krijgt een band met de mensen. Maar door die ervaring ben ik wel sterker geworden in het omgaan met verlies en dood.

Collega’s met jarenlange ervaring

Tijdens onze jaarlijkse receptie ben ik telkens verbaasd hoeveel collega’s er zijn die al dertig en veertig jaar ervaring hebben. Zij zijn allemaal nog zo content over hun werk. En ik ook hoor, ik werk hier zo graag! Ik geef toe dat het eerste jaar niet zo gemakkelijk was. Af en toe heb je eens een lastige klant. Daar liet ik dan wel eens een traantje voor. Ik durfde dat toen niet op het werk aan te kaarten omdat ik bang was dat ik ontslagen zou worden. Maar het feit dat alles hier bespreekbaar is en dat ik mij echt gesteund voel, geeft me een goed gevoel. Klachten worden intern besproken. Dat maakt het psychologisch minder zwaar.

Kok, verzorgende & pedicure-podoloog

Ik las net nog een brochure over pedicure. Daar wil ik me nu over informeren, want in mijn huidige job verzorg ik ook handen, voeten en haar. Als die studie combineerbaar blijkt met mijn werk, zou ik dat wel graag willen bijstuderen. Ik werkte twaalf jaar lang 4 dagen op de 5. Maar nu is mijn dochter 16 en werk ik voltijds.. Ik voelde me alleen thuis zo verloren. Ik ben blij als ik in het weekend werk! Al ben ik dat helemaal niet verplicht hoor, we zijn met zeven collega’s die een beurtrol hebben. ’t Is gewoon omdat ik het zo graag doe!